Bericht
door B235R » di 12 okt, 2004 14:21
leuk stukje tekst omtrent het verkeersveiligheidsbeleid in NL
Bron: AD
Door: Erik Kouwemhoven
KOOS DE ALMACHTIGE
Hij heeft zijn eigen televisieprogramma, een schijnbaar onbeperkt budget en macht, heel veel macht. Vooral vanwege zijn jacht op snelheidsovertreders wordt hij gehaat door automobilisten en politieagenten.
Maar waar is de landelijk verkeersofficier van justitie mr. Koos Spee nou eigenlijk mee bezig?
Mensen die hem persoonlijk kennen, weten dat Spee echt is begaan met de verkeersveiligheid in dit land. Maar de uitwerking van zijn beleid wekt steeds meer argwaan bij weggebruikers en verkeersdeskundigen.
Vooral het feit dat al jaren meer dan 60 procent van de bekeuringen bestaat uit snelheidsovertredingen tot 10 kilometer per uur, doet veel automobilisten het bloed koken.
Ook veel agenten hebben inmiddels een hekel aan Spee, omdat zij mede dankzij hem ieder jaar meer tijd moeten uittrekken voor het uitschrijven van snelheidsbekeuringen.
Zelfs korpschefs klagen steen en been over de opgelegde quote en de voormalige commandant van de Porsche-groep Driebergen betitelde de flitsboetes van Spee als razzia’s.
Oud agent J. Adriaans uit Heerlen uitte onlangs zijn frustratie op een website.
„Jaarlijks moesten we in Zuid-Limburg een ‘omzet’ halen van 20.000 snelheidsovertredingen en 6000 roodlicht verbalen. Daardoor blijft er te weinig tijd over om achter echte criminelen aan te gaan.
Ik kan het de automobilist niet meer uitleggen dat je beter een rood verkeerslicht kan jatten dan er doorheen rijden.”
Spee begon in 1998 met 5 medewerkers. Inmiddels is het Bureau verkeershandhaving Openbaar Ministerie(BVOM) van verkeersofficier mr. Koos Spee uitgegroeid tot een zelfstandige organisatie binnen het Openbaar ministerie met ruim 80 medewerkers.
Op dit moment breidt Spee zijn wapenarsenaal verder uit door alle 900 flitspalen van gemeenten, provincies en rijkswaterstaat over te nemen. Justitie wil voorkomen dat de palen worden afgedankt, nu veel gemeenten de reparatiekosten na vernielingen niet meer kunnen betalen.
„Ik vind dat we niet moeten capituleren voor vandalen.” Zo lichtte Spee zijn plannen toe.
De kassa van Koos staat in Leeuwarden. Het daar gevestigde Centraal Justitieel Incasso Bureau(CJIB), dat de jaarlijks stijgende hoeveelheid bekeuringen moet verwerken, groeide mee met de ambities van Spee. Het veranderde van een kantoor met een handjevol medewerkers in de grootste, beruchtste en best gestroomlijnde acceptgirofabriek van Nederland.
Vorig jaar verwerkte het CJIB 10.6 miljoen boetes voor verkeersovertredingen, ruim een miljoen meer dan in 2002. Daarvan ging het 385.000 keer om het rijden door rood, 1.2 miljoen keer om parkeerboetes en 1.3 miljoen keer om boetes aan automobilisten die aan de kant werden gezet. Verreweg de meeste boetes zijn gegeven voor te hard rijden. Dat zijn meer boetes dan er rondrijden in Nederland.
De verbetenheid waarmee Spee op snelheidsovertreders jaagt, zou hij in de ogen van verkeersexperts beter kunnen gebruiken om de verkeershandhaving op andere vlakken te perfectioneren. Want ondanks dat andere verkeersovertredingen een veel groter maatschappelijk probleem vormen, houdt hij zich in de ogen van veel automobilisten vooral bezig met het uitbreiden van het aantal flitspalen en het jagen op de laatste radardetector in Nederland.
Hoogleraar verkeerspsychologie J.A. Rothengatter van de Rijksuniversiteit Groningen meent dat de nadruk op snelheidshandhaving afdoet aan de geloofwaardigheid van het beleid.
„Ik doe het even uit mijn hoofd, maar zo’n 85 procent van alle schikkingen die door het CJIB in Leeuwarden worden verstuurd, zijn voor het overtreden van de maximumsnelheid.
Maar hoeveel worden er uitgeschreven voor het niet verlenen van voorrang of voor gevaarlijk inhalen? Honderd bekeuringen per jaar misschien? Het vormt in ieder geval een nogal schril contrast met de 4 à 5 miljoen snelheidsbekeuringen, terwijl deze zaken minstens zo gevaarlijk zijn.”
Rothengatter is niet tegen snelheidshandhaving, maar wel tegen de scheefgegroeide verhoudingen tussen de verschillende speerpunten van het beleid.
„Volgens schattingen is bij 25 tot 30 procent van de ongelukken alcohol in het spel.
Meer controleren dus, zou je zeggen.
Maar dan komt de aap uit de mouw, want dat is zeer arbeidsintensief en daardoor lastig, in tegenstelling tot camera’s waar je een rolletje instopt en wacht tot ‘ie volstaat met overtredingen.
Maar dat is geen excuus om het dan maar niet te doen en je beleid voor het grootste deel af te stemmen op snelheidshandhaving, simpelweg omdat dit makkelijker te realiseren is.”
Tot dit jaar stond Spee redelijk sterk. Hij verdedigde zijn immers uitdijende woud van flitspalen met steeds verder dalende ongevalcijfers in het verkeer.
„Meer snelheidscontroles leiden tot minder ongevallen”, riep de officier van justitie altijd en de statistieken gaven hem gelijk. Dit jaar werd echter bekend dat het aantal verkeersdoden voor het eerst in jaren is gestegen, ondanks dat het aantal bekeuringen voor snelheidsovertredingen opnieuw was toegenomen.
Een behoorlijke dreun voor Spee, die zich nog trachtte te verdedigen door te zeggen dat het aantal doden wel was gedaald op plekken waar snelheidscontroles plaatsvonden.
De overige speerpunten van het verkeershandhavingsbeleid lijken inderdaad te lijden onder de jacht op hardrijders.
Bekeuringen voor het niet dragen van de gordel en alcoholcontroles worden verhoudingsgewijs nog altijd mondjesmaat uitgeschreven, terwijl de winst op het gebied van verkeersveiligheid daar vele malen groter is.
Uit schattingen van de SWOV blijkt dat het aantal verkeersdoden door alcoholmisbruik(jaarlijks gemiddeld zo’n 250) zelfs groter is dan het aantal verkeersdoden als gevolg van te hard rijden(gemiddeld 200).
Ook fietsers zonder licht en voetgangers die door rood lopen, blijven nagenoeg ongemoeid.
Bromfietsers krijgen tegenwoordig alleen een bekeuring als het motorblok is opgevoerd en mogen gewoon doorrijden, terwijl vroeger alle snelle onderdelen werden verwijderd voor men het ding terugkreeg.
Verkeerspsycholoog Cees Wildervanck noemt het onbegrijpelijk dat er nog geen landelijk gecoördineerde aanpak is van het brom- fiets- en scooterprobleem.
„De overheid zit al jaren te slapen, want ondanks dat bromfietsers 0,5 procent van alle in Nederland gereden kilometers voor hun rekening nemen, zijn ze verantwoordelijk voor 9 procent van het aantal doden en 16 procent van de zwaargewonden.
Vooral daar valt nog een enorme winst in verkeersveiligheid te behalen.”
Verkeerspsycholoog Cees Wildervanck vindt snelheidscontroles nuttig, maar niet op de manier waarop dat in Nederland gebeurt. „Je ziet mensen afremmen bij een flitspaal, en vervolgens weer gas bijgeven. En wanneer je toch geflitst wordt, valt de acceptgiro van het CJIB weken en soms maanden na de overtreding pas op de mat. Dan is het effect nihil.
Men zet een handtekening op de acceptgiro en klaar.
Door die administratieve afhandeling bagatelliseert de overheid bovendien de ernst van de overtreding. Het heeft nu meer weg van een belasting op te hard rijden dan een straf.”
Ook Rinus Otte, hoogleraar verkeersrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen, heeft weinig begrip voor de nadruk op snelheidshandhaving door Spee en consorten.
„Ik zie niet in hoe dat volschieten van al die filmrolletjes de verkeersveiligheid structureel verbetert”, zei hij twee jaar geleden al in de NRC. „Die kale snelheidsovertredingen zijn niet de belangrijkste oorzaken van de vele verkeersongevallen. Voorrangsovertredingen, snijden en het rijden met onaangepaste snelheid zijn de oorzaken van veel dodelijke ongelukken.
Dit gevaarlijk gedrag kan nauwelijks bestreden worden met radarcontroles.
Ook de ANWB betreurt de zware nadruk op snelheidsovertredingen.
„Door het grote aantal snelheidsbekeuringen lijkt de balans in de handhaving zoek”, aldus de ANWB. „Andere speerpunten, zoals controle op de helmplicht, het dragen van de gordels em door rood licht rijden, krijgen daarbij relatief weinig aandacht.
Ook op gevaarlijke zaken als bumperkleven en over de vluchtstrook rijden wordt nauwelijks gecontroleerd. Daardoor is het beleid van nu niet het meest effectief. Bovendien zou het verbeteren van de verkeersveiligheid het beleidsdoel moeten zijn. Door de opgelegde quota voor bekeuringen aan de politiekorpsen, ontstaat echter de indruk dat de overheid dit doet om er geld mee binnen te halen. En dat is jammer.”
Zelfs de verkeersveiligheidsorganisatie 3VO vindt dat er meer op andere gebieden gecontroleerd moet worden. „Het BVOM is goed bezig, maar er kan meer. Het aantal overtreders dat direct wordt aangehouden, kan nog omhoog. Ook zouden er meer videosurveillance auto’s moeten worden ingezet. Wanneer overtreders direct worden geconfronteerd met hun gedrag is het effect veel groter dan wanneer weken later een acceptgiro in de bus valt.”
Spee zegt uitsluitend op gevaarlijke plekken te willen controleren op snelheid. Deze bewering gaat echter niet of nauwelijks op in het geval van de vele trajectcontroles die de komende jaren als een deken over Nederland komen te liggen. Spee gaf zelf toe dat de recente locaties op de A4 en A12 niet tot de nationale ‘black spots’ behoren.
„Maar door grote aantallen auto’s te dwingen zich aan de snelheidlimiet te houden, wordt milieuwinst geboekt”, zo verdedigde de verkeersofficier deze nieuwe vorm van snelheidscontrole.
Spee mag ondertussen wekelijks zijn beleid rechtvaardigen in het programma wegmisbruikers. Daarin wordt de indruk gewekt dat het gaat om een journalistiek onafhankelijk programma, maar in werkelijkheid heeft Koos Spee een dikke vinger in de pap bij de totstandkoming ervan.
Begin dit jaar werden kamervragen gesteld over zijn optreden. Spee ontkende zijn invloed en kwam ermee weg, maar in een onderschepte mail tussen twee hogergeplaatste politiemensen schreef Spee: „We komen in een situatie, dat het BVOM grip gaat krijgen op de kwaliteit van verkeerdprogramma’s op tv. Een wens van ons gaat in vervulling.”
Deze werkwijze van Spee kan op weinig waardering rekenen bij zijn vakgenoten.
„Ik kan niet meer naar wegmisbruikers kijken, want ik krijg er kromme tenen van”, zegt Leo de Haas van het programma Blik op de Weg. Volgens De Haas heeft Spee de beste bedoelingen met zijn verkeerdbeleid, maar gaat het te ver en schiet daardoor zijn doel voorbij.
„Er is echter niemand die hem terugfluit, want zolang zijn strenge aanpak de staatskas vult, vindt de overheid het prima.”